
Holwert steunt ‘Holwerd aan Zee’ voor nieuw ‘binnenmeer-plan’
AlgemeenHet project ‘Holwerd aan Zee’ is van de baan. Althans in die zin, dat er geen gat in de zeedijk komt, met een brakwatermeer aan de noordkant van Holwert. De initiatiefnemers streven nu naar een zoetwater-binnenmeer bij het dorp, dus zonder rechtstreekse verbinding met de Waddenzee, maar wel met de Holwerter Feart. Inwoners van Holwert en omgeving werden woensdagavond 12 juni 2024 bijgepraat en steunden de initiatiefnemers uit Holwert met applaus.
De conclusie om te stoppen met het plan voor een zoutwatermeer is eerst getrokken door de stuurgroep en vervolgens gedeeld door Gedeputeerde Staten (GS) van Fryslân. Dit vooral om financiële redenen: geen enkele overheidsinstantie is bereid na de totstandkoming van het zoutwatermeer de beheer- en onderhoudskosten op zich te nemen. Denk onder andere aan de kosten voor het onderhoud van een soort sluis in de zeedijk en het eventuele extra baggeren. Bovendien is er nog een financieel ‘gat’ van zestig miljoen euro wat betreft de aanleg van het brakwatermeer, inclusief dijkdoorgraving.
“Seis miste kânsen”
De onafhankelijke voorzitter van de stuurgroep, Gerben Gerbrandy (oud-burgemeester van Achtkarspelen) stopt ermee. Hij laat het vervolg over aan de stichting Holwerd aan Zee. Maar hij liet in MFA De Ynset in Holwert woensdagavond 12 juni 2024 niet na om Provinciale Staten van Fryslân te bekritiseren over de “op syn minst seis miste kânsen” voor het noordelijke deel van de provincie: “De leefberens fan Holwert en omkriten, de wurkgelegenheid en de ekonomy, de ferbettering foar de lânbou troch in bettere ferkaveling.”
Hij verwacht dat Wetterskip Fryslân “foar seedykferheging no klaai ergens oars wei helje moat, in grutter ferskaat fan natoer oan wjerskanten fan de seedyk no net slagget én, foaral, de ûntjouwing fan rekreaasje en toerisme yn dit gebiet in klap kriget.”
Siem Jansen blijft betrokken
Ook oud-gedeputeerde Siem Jansen, betrokken als adviseur, was zeer kritisch op Provinciale Staten. “Dit is allemaal het gevolg van het besluit van Provinciale Staten van 24 april dit jaar, op een achternamiddag aangenomen met een motie ‘vreemd’ van JA21. Door die motie is de situatie ontstaan waar we nu mee zitten: geen enkele overheidsinstantie wil het beheer en onderhoud op zich nemen!” Hij voegde er een persoonlijke noot aan toe: “Ik heb geleerd niet te vloeken, maar was vandaag geneigd om dat wel te doen.” Op de vraag of hij nu opstapt als adviseur, wat het korte antwoord: “Ik blijf erbij betrokken. Dat ben ik al elf jaar en ik blijf.”
Hij wees op andere, honderden miljoenen guldens en euro’s vergende projecten, zoals het Friese Merenproject en de Centrale As: “Daarvoor was in eerste instantie ook geen of onvoldoende geld. Maar die zijn wel als overheidsprojecten door de provincie opgepakt en uitgevoerd. Dat had met ‘Holwerd aan Zee’ ook moeten gebeuren.”
“Binnenmar biedt kânsen”
Het stichtingsbestuur van ‘Holwerd aan Zee’ ziet nog kansen voor het bereiken van de oorspronkelijke doelen: waardevolle natuur, goede landbouw, versterking van toerisme, recreatie en leefbaarheid. Dit door zich te richten op een ‘binnenmeer’. “Natoer, kultuerhistoarje en it agraryske karakter kinne mei-elkoar in krachtich gehiel foarmje”, aldus Marco Verbeek namens de stichting.
Hij zei woensdagavond tegen de belangstellenden (ook enkele raadsleden en statenleden) in De Ynset: “It is goed dat de simmerfakânsje der oankomt. Dan kinne wy it beslút fan hjoed besinke litte. Wy moatte wer yn gesprek mei de belutsen oerheden oer wat wól kin. En wy stribje der nei, dat de Regiodeal-jilden dy’t foar Holwerd aan Zee reservearre wiene, foar ús oanpaste plan beskikber komme.”
“Yn Grinslân kin alles!”
PvdA-statenlid Daan Olivier merkte op dat gelet op de klimaatverandering het waterbeheer in Nederland sowieso anders zal moeten, en dat het brakwatermeer van Holwerd aan Zee daar goed aan zou kunnen bijdragen. Iemand anders in de zaal wees op een ander ‘gat in de zeedijk’, iets ten oosten van het Lauwersmeergebied, waar Rijkswaterstaat mee aan de slag is. “Ja, yn Grinslân kin alles!” grapte Marco Verbeek met een bittere ondertoon.



















