
Postzegel(ruil)beurs De Utwyk Drachten: ‘Meer dan een ongelikte hobby’
AlgemeenZaterdag 7 november organiseert de postzegelvereniging Drachten een gratis postzegel(ruil)beurs in wijkcentrum De Utwyk. Van 9.30 uur tot 15.00 uur zijn belangstellenden vanuit de regio van harte welkom om hun passie voor postzegels te delen en uit te breiden.
Infostand voor startende verzamelaars:
Tijdens de beurs is er ook een infostand van de vereniging waar bezoekers alles kunnen leren over het reilen en zeilen binnen de club. Dit is een uitstekende gelegenheid voor zowel ervaren verzamelaars als nieuwkomers om vragen te stellen en meer te weten te komen over deze fascinerende hobby.
100 jaar ‘Vliegende Duif’: hoe een Nederlandse postzegel een Brits spionagewapen werd
Precies een eeuw geleden, in 1926, breidde de Nederlandse post haar iconische postzegelserie ‘Vliegende Duif’ uit. Ontwerper Chris Lebeau had een meesterwerk geleverd, dat destijds zelfs werd uitgerust met een speciaal watermerk om namakers te slim af te zijn. Toch slaagde de Britse geheime dienst er tijdens de Tweede Wereldoorlog in om één specifieke zegel uit deze serie feilloos na te maken. Niet om de postdienst op te lichten, maar als levenslijn voor gedropte geheim agenten.
In 1926 bracht de Nederlandse postdienst verschillende nieuwe postzegels uit, maar de meest opvallende aanvullingen hoorden bij de serie ‘Vliegende Duif’. Dit iconische ontwerp was van de bekende kunstenaar Chris Lebeau. Hoewel de allereerste varianten van de duif al in 1924 verschenen, beleefde de serie in 1926 haar definitieve doorbraak met nieuwe waarden. Om vervalsing en nadruk destijds onmogelijk te maken, besloot de postdirectie om de zegels vanaf dat jaar te voorzien van een ingenieus watermerk.
De geschiedenis kreeg echter een even bizarre als spannende wending tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Britse geheime dienst had voor haar operaties in bezet gebied namelijk dringend Nederlandse postzegels nodig. Hun oog viel op de NVPH 169, de grijze/leisteenkleurige postzegel van 1½ cent uit Lebeaus ‘Vliegende Duif’-serie.
Spionagevervalsingen
De Britten produceerden deze zogenaamde espionage forgeries (spionagevervalsingen) met een heel specifiek doel. Het was de overheid in Londen er absoluut niet om te doen de Nederlandse postdienst financieel te duperen. De valse zegels waren puur bedoeld om geheim agenten te ondersteunen die boven bezet Nederland werden gedropt.
Wanneer deze agenten geheime inlichtingen of propagandamateriaal via de reguliere Nederlandse post wilden versturen, hadden ze postzegels nodig. Als zij destijds een lokaal postkantoor in bezet gebied binnen moesten stappen om zegels te kopen, liepen ze een enorm risico om door de mand te vallen of te worden verraden. Dankzij de in Engeland gedrukte namaakzegels konden zij hun brieven veilig en anoniem in de brievenbus werpen.
Grote vellen versus kleine velletjes
De Britse meestervervalsers leverden destijds vakwerk af; de namaakzegels lijken sprekend op het origineel dat tussen 1926 en 1935 in omloop was. Toch is er voor oplettende kenners één heel duidelijk verschil. De echte Nederlandse postzegels werden destijds in reusachtige vellen gedrukt. De Britse geheime dienst koos daarentegen voor compacte, handzame velletjes van 20 stuks (opgebouwd uit 5x4 zegels), die de agenten gemakkelijk in hun binnenzak of bagage konden verbergen.
Goudmijn voor verzamelaars
Vandaag de dag, exact honderd jaar na de uitgifte van de eerste 1926-waarden, zijn de rollen op de verzamelaarsmarkt volledig omgedraaid. Waar een gewone, originele Nederlandse NVPH 169-postzegel een bescheiden cataloguswaarde heeft van € 1,20, is de Britse oorlogsvervalsing uitgegroeid tot een uiterst zeldzaam en historisch topstuk. Filatelisten tasten diep in de buidel voor een exemplaar van deze spionagezegel: de huidige cataloguswaarde daarvan ligt op maar liefst € 425,00. Wat ooit begon als een simpel hulpmiddel voor een spion, is honderd jaar later een van de meest fascinerende verzamelobjecten uit de Nederlandse postgeschiedenis.



















