
Het vuur dat nooit doofde
AlgemeenTer hoogte van waar zich nu brasserie Om de dobben bevindt aan de Langelaan in Burgum brak op woensdag 12 augustus 1953, ’s middags rond half drie, grote paniek uit. Het boerderijtje van Theunis Pietersma stond in brand. En hoe! De vlammen waren in de wijde omgeving te zien. Jongeren uit Burgum sprongen op de fiets om poolshoogte te nemen, jongeren uit Garyp evenzo.
Twee van hen, Dieuwke Pebesma, eentje van Jan en Kanne die destijds een fietsmakerij hadden aan de Tsjibbe Geartsstrjitte in Burgum en Ele van der Molen, zoon van Marten en Gryt, met een groentewinkel aan het Tsjerkepaed in Garyp, zagen elkaar, daar bij die brand.
En terwijl Theunis Pietersma wist te ontsnappen, ter nauwer nood zijn geldkistje wist te redden, maar zijn boerderij in vlammen op zag gaan, sloeg tussen Ele en Dieuwke een vonk over en zorgde voor een vuur dat nooit meer doofde. Ele kreeg, net als broer Lút, een baan bij de post, een geweldige werkgever in de na-oorlogse jaren. Dieuwke werkte als verzorgende in wat toentertijd het verpleeghuis was van Burgum: Glinstrastate. Het paar kreeg vier kinderen, vijf kleinkinderen en drie achterkleinkinderen. De oude Theunis moest eens weten…



















